Rechts aanhouden

Gepubliceerd op 14 maart 2025 om 09:10

Te voet ben ik doorgaans sneller dan wie zich per auto verplaatst. In een kleine stad als Hasselt ben je met wandelen vaak beter af. Daarom trek ik er dagelijks te voet op uit, gewapend met een stevige pas en een rotsvast vertrouwen in het principe van rechts aanhouden.

 

Op een namiddag wandelde ik naar huis langs de Maastrichtersteenweg. Zoals altijd liep ik op het voetpad aan de linkerkant van de weg, niet omdat ik roekeloos ben, maar omdat het voetpad daar gescheiden is van het verkeer door een strook geparkeerde auto’s. De overkant heeft een breed fietspad, en dat is voor een voetganger even nuttig als een paraplu zonder doek.

 

Terwijl ik mijn weg vervolgde, zag ik in de verte een man met een hond naderen. Aangezien het voetpad daar smal is, ging ik op tijd zoveel mogelijk rechts lopen. Een beleefd signaal, een vroege intentieverklaring. Zo vermijden we het gênante gehannes van links-rechts-links en dat ongemakkelijke moment waarop twee voetgangers elkaar quasi in de armen vallen.

 

Maar deze man had andere plannen. Hij koos er nadrukkelijk voor om links te lopen. Mijn rechts.

 

Ik gaf niet af. Hoe dichter hij naderde, hoe meer ik me gesterkt voelde door de onwrikbaarheid van een verkeerspaal. Standvastig, onbeweeglijk, onaantastbaar. Er waren twee opties: of hij zou naar rechts gaan, of hij zou tegen me opbotsen.

 

Zo naderden we elkaar in een trage, onvermijdelijke confrontatie. Ik voelde mijn pas vertragen, maar niet door twijfel, eerder door de plechtigheid van het moment. Alsof we deelnamen aan een ritueel, een eeuwenoude dans van koppigheid. Hij hield zijn koers aan. Ik de mijne. Twee mannen, een hond en een voetpad dat maar breed genoeg was voor één waarheid.

 

Uiteindelijk stonden we neus aan neus. Hij keek me aan en zuchtte. “Honden lopen altijd links.”

 

Dat opende een wereld aan vragen waar ik niet op voorbereid was. Het klonk als een oerwet, een natuurkundig principe waar ik tot nu toe onwetend van was gebleven.

 

Ik vroeg hem – puur informatief – of dit ook gold voor katten, dromedarissen of misschien zelfs een pinguïn.

 

Hij keek me aan zoals iemand kijkt die zich plots afvraagt of hij wel de juiste keuzes heeft gemaakt in zijn leven. Maar hij zweeg. En liep om me heen.

 

De hond keek nog even opzij en volgde hem.

Links.

Zoals het blijkbaar altijd al had moeten zijn.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.